Inhoudsopgave

MB 1146-1147
Motet 'Vol mededogen'
(De aarde is vervuld)
(Martyn Smit) 3

MB -1148-1149
Motet 'Gustate et videte'
(Gij zelf zijt. Heer)
(Arjan van Baest) 5

MB 1150-1155
Zingt voor de Heer van liefde en trouw
(Wouter van Belle) 7

MB 1156-1159
Keer je om
(Hanneke van der Grinten) 13

MB 1160
Acclamatie na de consecratie
(Richard Vos) 17

MB 1161
Et incarnatus est
(Josquin des Prez) 18

MB 1162
Et resurrexit (bij Credo III)
(Ben Stolwijk) 19

MB 1163-1165
Hoort hoe God met mensen omgaat
(Rens Tienstra) 20

MB 1166-1170
Psalm 98 - Geheel de aarde
(Ad van Sleuwen) 23

MB 1171-1173
Onze Vader (gecorrigeerd)
(Jan Raas) 28

Errata 31

Latijn

In sommige oude kerkliederen klinken het Latijn en het Nederlands naast elkaar. Het meest beroemde voorbeeld hiervan is wellicht het kerstlied 'In dulce jubilo'. Het mixen van talen geeft het lied een speels karakter. Er zit ook een serieuze kant aan: het talenspel plaatst de lokale kerk, die spreekt in de landstaal, in het grotere kader van de wereldkerk, vertegenwoordigd door het Latijn.
Wereldkerk en lokale kerk zijn als het ware op hartelijke manier met elkaar in gesprek.

Dit idee inspireerde de redactie van het Gregoriusblad enkele componisten te vragen een Latijnse 'motetje' te schrijven dat gecombineerd kan worden met een Nederlandstalig liturgisch lied. De Tilburgs/Antwerpse componist Martyn Smits schreef een motet bij het lied 'De aarde is vervuld', Arjan van Baest (ook uit Tilburg) deed dit voor het lied 'Gij zelf zijt, Heer, het levend brood'. De redactie biedt hiermee een nieuw model aan dat de liturgisch-muzikale praktijk kan verrijken.

Uiteraard bieden we meer: een bewerking van het veel gezongen lied 'Hoort hoe God met mensen omgaat' uit de reeks 'GvL-light', een lied voor middenkoren op tekst en muziek van Hanneke van der Grinten, een eenvoudige zetting van Psalm 98, een feestelijke bewerking (met orgelversetten) van het overbekende lied 'Zingt voor de Heer van liefde en trouw'. Wij hopen van harte dat u veel plezier beleeft aan deze muziek. Dus: zingen maar!

Martin Hoondert
hoofdredacteur