Voorblad GB september 2025Kenner und Liebhaber

In het vorige nummer van het Gregoriusblad heb ik in mijn column een pleidooi gevoerd voor excellente kerkmuziek. Natuurlijk ben ik het nog steeds met mezelf eens, maar ik wil er toch een nuancering bij aanbrengen. Dat begrip excellentie ontleende ik aan een rapport van de Cathedral Music Trust, en we hebben het dan dus over de Engelse kathedralen. Die hebben professionele koorleiders en organisten in dienst, beschikken vaak over koorscholen, er is een traditie van excellentie en een beleid dat die traditie ondersteunt en in stand probeert te houden. Deze karakteristieken zijn evenzovele verschillen met de Nederlandse situatie. Zowel in de rooms-katholieke als in de protestantse kerk zijn er steeds minder professionele musici werkzaam.

Wij hebben in Nederland niet de traditie dat muziek een belangrijk en wezenlijk onderdeel van de liturgie is, en hebben die ook nooit gehad. Daar zijn ongetwijfeld historische oorzaken voor aan te wijzen, maar momenteel is het zowel een kwestie van geld als van beleid: er is geen kerkmuzikaal beleid, en als men hier en daar nog belang hecht aan goede kerkmuziek dan is er meestal geen geld om professionele musici in dienst te nemen, als je ze al zou kunnen vinden.

Dus wat zeur ik dan nog over excellente kerkmuziek? Tja, omdat ik er door persoonlijke ervaring de grote waarde van ben gaan inzien, en daarom voortdurend op zoek ben naar antwoorden op de vraag: waarom zou je dat eigenlijk willen, excellente kerkmuziek? En omdat ik er zo enthousiast over ben loop ik er ook een beetje mee te leuren en hoop ik dat de plekken waar we kerkmuziek nog op het hoogste niveau kunnen horen zullen blijven bestaan als ankerpunten van hoop en inspiratie. Maar ik ben me er goed van bewust dat ik makkelijk praten heb, en ook dat dit soort pleidooien door sommigen als ergerlijk of zelfs pijnlijk kan worden ervaren. Zij zouden misschien wel willen, maar ze kúnnen niet: gehinderd door gebrek aan belangstelling door de leiding én de gelovigen binnen de eigen parochie, geldgebrek, mensen die zich niet meer willen binden: niet meer aan verenigingen, niet meer aan televisieomroepen en vakbonden, niet meer aan kerkkoren. De koren die er nog zijn, zijn sterk vergrijsd, met alle gevolgen voor de stemkwaliteit van dien, en kunnen alleen de meest eenvoudige muziek nog aan. En de parochianen? Die zijn, zeker als het jongere mensen zijn, in het algemeen de band met de (klassieke) kerkmuziek totaal kwijt, geassimileerd als ze zijn door de popmuzikale wereld waarin ze verkeren. Kenner und Liebhaber: ‘Kenner’ (professionele kerkmusici) zijn er steeds minder, maar hier en daar zijn er gelukkig nog wel ‘Liebhaber’: amateurdirigenten en -organisten, koorleden, met hart voor de kerkmuziek. Hen moeten we bemoedigen.
Excellentie is begrijpelijkerwijze te hoog gegrepen, maar zij doen dan toch maar week aan week hun best om binnen de grenzen van het mogelijke de lofzang gaande te houden. Zij doen dat met hart en ziel en zo goed als zij maar kunnen, want zij weten hoe belangrijk muziek in het leven van gelovigen (én ongelovigen) kan zijn: ‘als eens mijn eigen adem stokt, dan draagt mij uw muziek’ (Willem Barnard). Een ontroerende gedachte.
Een column door Erik Heijerman

De Zangers van Sint Frans

‘Mooie muziek en levenslange vriendschappen’
Het Noord-Limburgse Venray heeft met zijn ‘joekskapellen’, harmonie- en fanfare-orkesten en zangkoren een rijke, muzikale traditie. De Zangers van Sint Frans vormen al 66 jaar een niet weg te denken bestanddeel van die muzikale reputatie van het provinciestadje. Zoals het echte Limburgers betaamt hebben we hier te maken met een koor waarin muzikale ambitie vlekkeloos samengaat met sociale activiteiten. “Eén grote familie”,
karakteriseert Vonne Franssen het koor.
Een arikel van Armand Heinen

Een muzikale pelgrimage langs heilige plaatsen

Verslag van het Nederlands Gregoriaans Festival 2025
Van 13 tot en met 15 juni 2025 werd in Den Bosch de negende editie van het Nederlands Gregoriaans Festival (NGF) georganiseerd door de stichting Amici Cantus Gregoriani met als thema: ‘Heilige Plaatsen’.
Een verslag door Richard Bot

Jan Vermulst – 1925-2025 –

Dit jaar is het 100 jaar geleden dat Jan Vermulst werd geboren in Stiphout (Noord-Brabant) als zoon van een koor- en fanfaredirigent. Hij stierf in 1994. Niet alleen in de bundel Gezangen voor Liturgie, maar ook in andere bundels en in de bekende zondagsliturgieboekjes voor kerkgangers, komen we nog regelmatig zijn naam tegen.
Een artikel van Richard Bot

Wie geeft hier de Geest om aanstekelijk te vieren?

Op zoek naar inspiratie in de liturgie door andere vieringen of door anders te vieren? Wat zijn de eigenaardigheden van deze streek? Een snelle mis en een korte preek! zei een parochiebestuurder tegen een pas gewijde kapelaan toen hij in de jaren vijftig van de vorige eeuw arriveerde in zijn eerste parochie in het noorden van Noord-Holland. Heeft hij zich aan die voorwaarde gehouden? Na een paar jaar werd hij overgeplaatst en liet men hem node gaan. De opmerking van de kerkmeester is herkenbaar. In die tijd sprak men nog van mis horen en tijdens de vieringen liep een kerkwacht.
Een artikel van Ko Schuurmans

Palestrina en zijn betekenis voor de kerkmuziek anno 2025

In 2025 vieren we dat de grote Palestrina (ongeveer) 500 jaar geleden geboren is. In de geschiedenis van het Gregoriusblad is vanuit verschillende invalshoeken aandacht aan hem en zijn werk besteed. Anthony Zielhorst richt – bij gelegenheid van dit jubileum – de aandacht op een bijzonder liturgisch project in de zestiende eeuw, waar Palestrina nauw bij betrokken was. Zou die betrokkenheid van toen betekenis kunnen hebben voor de kerkmuzikale praktijk van vandaag de dag?
Een artikel van Anthony Zielhorst