Klinkende wierook
Als u dit leest, is het feest van Driekoningen niet ver meer weg. Het is het verhaal van de magiërs die het pasgeboren Christuskind eer gaan bewijzen en het goud, wierook en mirre aanbieden. Zij weten immers dat het ‘de pasgeboren koning van de Joden’ is, wiens ster ze hebben zien opgaan (Matt. 2,2). Over de wierook wil ik het hier hebben. Die komen we al in de Egyptische, Babylonische en Perzische cultuur tegen, maar ook in de bijbelse geschiedenis. In Exodus 30,1-10 wordt verhaald hoe Mozes een altaar moet bouwen dat voor het voorhangsel waarachter de ark van het verbond staat geplaatst moet worden. Daarop moet elke morgen en avond reukwerk worden gebrand om de gebeden te begeleiden die opstijgen tot God. Wierook kreeg dus een liturgische functie: ‘Laat mijn gebed voor u zijn als reukwerk, mijn geheven handen als een avondoffer’ (Psalm 141, 2). Deze tekst – in het Latijn Dirigatur oratio mea sicut incensum in conspectu tuo – kreeg in het gregoriaans als graduale een schitterende melodie mee, waarin het woord ‘incensum’ de hoogste noten toebedeeld krijgt. Er bestaan diverse toonzettingen van deze tekst uit verschillende tijden, onder andere van De Cabezon, Johann Michael Haydn, Moritz Brosig en Roberto Brisotto, maar je hoort die helaas vrijwel nooit.
Ook in het Nieuwe Testament komen we de wierook tegen, zoals in 1 Korintiërs 2,15: ‘Wij zijn de wierook die Christus brandt voor God’. Maar het idee voor deze column kwam bij me boven toen ik een tijdje geleden meezong in een concert gewijd aan de aartsengel Michael, wiens vierdag 29 september is. Daar zongen we onder andere een stuk van Palestrina, een toonzetting van een tekst naar Openbaringen 8,3-5: ‘Er stond een engel bij het altaar in de tempel, met een gouden wierookvat in zijn hand. Er werd hem veel wierook gegeven en de rook van de specerijen steeg op voor God. Alleluia.’ Dit ‘Stetit Angelus’ was het offertorium voor het feest van de heilige Michaël en is te vinden in Palestrina’s Offertoria totius anni (1593). Toen ik het zong werd ik getroffen door de eenheid van tekst en muziek: lange stijgende lijnen op ‘incensa multa’, kwint- en octaafsprongen op ‘et ascendit fumus aromatum’, de als wierook om elkaar heen cirkelende motieven in deze muziek, en de feestelijk over elkaar heen buitelende alleluia’s aan het eind. Toen ik zo te midden van mijn medezangers stond te zingen, werd ik opgenomen in Palestrina’s fraaie polyfone weefsel met zijn heerlijke melodische thema’s, lijnen en imitaties. Het gaf me een gevoel van tijdloosheid en transcendentie. Kerkmuziek op zijn best! Niet als opluistering of verpozing, maar als klinkende wierook die opstijgt naar de hemel.
Een column van Erik Heijerman
Liedbespreking kantiek Lof van de Liefde
Begin september maakte ik een uitvaart mee. De dominee las met zware stem de bekende tekst van Paulus over de liefde. De tekst trof mij - zoals altijd -, maar tegelijkertijd dacht ik: “als dit loflied nu eens gezongen zou worden, hoeveel meer inspiratie zou er dan van uitgaan!”. Ik had in 2024 kennis gemaakt met de kantiek Lof van de liefde, nadat ik het gezang in het getijdenboek van de abdij Koningshoeven had aangetroffen als kantiek in het nachtofficie vóór de evangelielezing.
Een liedbespreking door Anthony Zielhorst
Wat ons inspireert… je hart uitstorten
Als ik het goed begrepen heb, is de vraag die voorligt wat ons als cantores of kerkmusici inspireert en hoe dat vervolgens een belangrijke rol kan spelen in de opbouw van de (parochie) gemeenschap. En dan meer specifiek wat ik daar zelf van bak of brouw in de parochies waar ik als pastoor voor te zorgen heb. Daar moet je inderdaad even voor gaan zitten.
Een artikel van Ed Smeets
Orlando Gibbons: meester van de melodie
Een van de jubileumcomponisten die we in 2025 in het Gregoriusblad herdenken is Orlando Gibbons, die 400 jaar geleden overleed. Aan het begin van de zestiende eeuw was hij de meest toonaangevende componist en organist van Engeland. Hij sloot het tijdperk van de grote polyfonisten van de Engelse Renaissance af, en liep vooruit op de barokke stijl die met Henry Purcell een hoogtepunt zou bereiken. Hij was een van de laatste Engelse virginalisten, maar schreef ook madrigalen, consort- en koormuziek. Na een biografische schets ga ik in op zijn religieuze koorwerken.
Een artikel van Eric Heijerman
Hoe klonken de middeleeuwen?
- Een onderzoek om de stem van een elfde-eeuws orgel, het oudste nog bestaande orgel in het christendom, terug te vinden -
Op 9 september van dit jaar kwam in Jeruzalem, in het Terra Sancta Museum, na bijna 800 jaar een deel van het ‘Orgel van Bethlehem’ weer tot leven met de uitvoering van het elfde-eeuwse liturgische gezang Benedicamus Domino Flos filius door David Catalunya op de originele pijpen van het orgel van Bethlehem. 1 Sinds kort wordt deze kleine replica, tezamen met de resterende pijpen, beschouwd als het oudste orgel van het christendom. De orgelpijpen, die dateren uit de elfde eeuw, werden gerestaureerd als onderdeel van een internationaal onderzoeksproject. Het project zal uitmonden in een replica-reconstructie van het volledige instrument.
Een artikel van Richard Bot
Wouter van Belle veertig jaar hoofdorganist van de Sint-Catharinakathedraal te Utrecht
Op 12 oktober vierde Wouter van Belle (geb. 1958) zijn veertigjarig jubileum als hoofdorganist van de Sint-Catharinakathedraal in Utrecht. Dat gebeurde met een pontificale eucharistieviering en een prachtig concert van de jubilaris in een volle kathedraal, samen met het Kathedrale Koor Utrecht en de Kathedrale Koorschool Utrecht onder leiding van Hester Steensma-Westra. Hoe kijkt hij op zijn loopbaan terug en wat is zijn visie op de toekomst van de kerkmuziek?
Een interview door Erik Heijerman
De omvormende kracht van liturgische zang
- De visie op muziek en liturgie van Berne Media-
Iedere week zingen tienduizenden kerkgangers uit de boekjes De zondag vieren, het zondagsmissaaltje dat uitgeverij Berne Media – voorheen de Werkgroep Liturgie Heeswijk – al 75 jaar uitgeeft. Al zestig jaar voorziet de redactie de boekjes zelf van muziek. Onder het motto ‘Beproefde traditie in een modern jasje’ sluit ze daarvoor met haar visie op liturgie en muziek nauw aan bij het gedachtegoed van de Norbertijnen van de Abdij van Berne.
Een artikel van Steven van Roode
Uitslag lezersonderzoek en vooruitblik
Wat leverde het online lezersonderzoek op en hoe vertalen we dat naar de nieuwe jaargang? In 2026 bestaat het Gregoriusblad 150 jaar – een mooi moment om vooruit te kijken.
Een bespreking door Richard Bot